Door Rob & Nelleke Kool  
  HOME :
    Oostenrijk 2009 - IJsduiken!
 

Donderdag 5 maart.
Deze winter heeft het weer eens gevroren. Volgens de statistiek was dat goed voor 13.000 ongevallen in een week. Het blijft voor ons daarom verbijsterend dat duizenden zich jaarlijks in het verkeer storten om naar onwaarschijnlijk sneeuwgebieden te gaan om daar tegen bergen op te klimmen om zich vervolgens met latten onder de voeten weer naar beneden te laten donderen.

Er is zelfs een hele industrie door ontstaan. Allereerst zijn er apparaten op de bergen gezet, waardoor de overgrote meerderheid van de deelnemers is teruggebracht tot watjes. De zogenaamde stoeltjes lift sleurt ze de berg op. Ook de latten zijn niet meer wat ze geweest zijn. Het zijn nu volledig doorontwikkelde stukken kunststof die men ski’s noemt. Deze carbonstroken worden met vernuftige verbindingen aan laarzen gekoppeld. Die zijn weer van een lelijkheid waar zelfs de Uggs van verbleken.
Om aan te geven dat dit volk geen schaamte kent trekt ieder zichzelf respecterende persfotograaf (en alle andere persfotografen met onkostenvergoeding) naar Lech in Oostenrijk. Daar worden dan de familiekiekjes gemaakt van ons koningshuis in voorgenoemde dracht met bijbehorende attributen.
Misschien is al opgevallen: sneeuw, wij houden er niet van.
IJs daarentegen is prima. Je kunt er op schaatsen en er onder duiken. Kleine bijkomstigheid van de klimaatverandering is dat het nog zo weinig vriest, dat beide steeds zeldzamer worden.
Bij veel duikers die graag een keer dit ijsduik verschijnsel mee willen maken leidt dit tot verschillende vormen van frustratie. Soms loopt die zelfs zo op, dat Hans Terhorst aan het eind van de 2* instructeur cursus in Aalten voorstelde om een heuse ijsduik specialisatie te doen en deze af te sluiten in Oostenrijk. Zoals wij weten sneeuwt en vriest het daar altijd, met uitzondering van de maanden juni tot september. De Oostenrijker vieren het goede weer dan door het dragen van dirndls en lederhosen waardoor het land ook niet heel serieus genomen wordt.
Mijn afkeer voor sneeuw, bergen en vooral de combinatie van beide verbergend, geef ik me spontaan op als begeleider van dit evenement. Ten slotte ben ik op een onbewaakt moment in het bezit gekomen van de bevoegdheid om dit te doen.
Op het moment dat we het geld overmaakten naar het hotel sloeg de winter meedogenloos toe. Om de hoek konden we ons werpen op ijsduiken en het behalen van wintersport blessures (het laatste zelfs op het inundatiekanaal achter het huis.
Niemand dacht er echter over na om de annuleringsverzekering aan spreken. Het multi club event leek te mooi. Na theorieles in Aalten en oefenen in Arnhem (zwembad) en Zoelen (buitenwater) was op 5 maart de grote dag daar. Uit het nieuws was gebleken dat de Koninklijke familie was ontzet uit Lech, dus niets leek een straffe rit naar het Oostenrijkse plaatsje in de weg te staan. Nu heet het plaatsje van onze bestemming eigenlijk Reutte, maar het ligt aan de Lech, en je moet niet te veel op detail letten.
De heenweg kenmerkt zich door regen, natte sneeuw en regen. Echt zoiets dat je denkt “Ja! daar doen we het voor”. Even voor de Oostenrijkse grens worden we van de snelweg gehaald. Der Polizei controleert of we wel winterbanden hebben. Daarmee is de huurprijs in de vorm van de vermeden bekeuring weer terugverdiend.
Na een verder redelijk voorspoedige rit staan we om een uur of drie voor het sporthotel “Urisee”.
Als eersten komen we organisator Hans en Ronald tegen. De laatste vertelt ons dat we beter kunnen parkeren op het terrein achter het hotel. Dit blijkt, door de stevig aangelegde weg naast het hotel slechts 7 km verderop te zijn. Eerst moeten we terug naar Reutte en dan weer het dorp uit. Het hotel staat op de gemeentegrens.
Het echtpaar dat het hotel runt heeft de taken verdeeld. Zij runt het hotel, hij het duikcentrum en de hond. Gezien de omvang van deze zwarte Newfoundlander is dat een taak die niet onderschat moet worden.
De leden van Gelre-Sub, een van de zes verenigingen in de groep, hebben bedacht dat een proefduik wenselijk is en lopen al met touwen en materiaal om het ijs te bestrijden.
Nu is er niets tegen een proefduik, maar ik moet daar wel bij zijn. Na een korte onderbreking om de meerderheid van de spullen op de kamer te kwakken, sta ik dan ook met Hans in de omkleedruimte. Spullen aan en op naar het wak (of de bijt zoals de NOB ons wil doen geloven).

Nu klinkt dit laatste iets eenvoudiger dan het in praktijk is. In de advertentie zegt men dat het meer recht voor het hotel ligt. Daar is geen woord van gelogen. Men vertelt er echter niet bij dat het paadje naar het meer weliswaar kort is, maar wel ook stijl. Modern comfort in de vorm van liften zoals bij het sneeuw glijden op carbonstroken wordt hier niet geboden. Dus is het sjouwen.
De proefduikers besluiten tot het verste wak. Hoewel ze zich stevig in dit idee vastbijten wordt dit een desillusie. Het ijs is te dik om met de beperkte hulpmiddelen open te maken.
Geen nood, de sessie wordt verplaatst naar een van de andere gaten die door onze hotelier zijn gezaagd. Het volgende gat blijkt wel open te krijgen. Even de spullen verplaatsen en we kunnen te water.
Dit laatste valt botweg tegen. De dagen er voor is het +15 oC geweest. De toplaag, die voornamelijk uit sneeuw bestaat, is hierdoor ontdooid en weer opnieuw bevroren. Althans, de bovenste centimeters, daaronder is een pap van gesmolten sneeuw. Lopen met volle uitrusting betekent dat je om de paar stappen door de toplaag zakt en daarna door de sneeuwpap tot je op stevig ijs komt. Na een uurtje is alles geregeld en kunnen we te water. Enerzijds gaat het niet goed. Ik ben gevallen tijdens het slepen met het materiaal en heb niet door gehad dat mijn arm seal niet goed meer zit. Het pak laat verheugd water binnen. Ook bij Hans gaat het fout. Hij heeft een laars kapot gelopen en loopt ook vol. De duik is echter geweldig. Het ijs bestaat uit meerdere lagen en we zien vis. Dat laatste is in Nederland in deze tijd van het jaar veel minder het geval. Tegen de tijd dat het hele feest voorbij is zijn we te laat voor het eten. Eerlijkheidshalve moeten we toegeven dat de invallende duisternis ons was opgevallen. De mevrouw van het hotel is zeer ontstemd en laat dat duidelijk merken. De goulash smaakt er echter niet minder om, dus we laten het ons maar aanleunen.


Na het eten houden we met de instructeurs die een stageverklaring willen een voorbespreking voor de volgende dag. De verschillende rollen bij het ijsduiken worden een keer doorgelopen. Verder wordt de groep verdeeld over twee wakken.

Vrijdag 6 maart.
Ik ben al vroeg wakker en maak even een rondje langs hotel en meer om wat foto’s te maken. Alleen Hans blijkt de uitgang ook al gevonden te hebben.
Dankzij de ijsduikmuts die Nelleke voor me heeft bereid, blijven de oren in ieder geval warm.
Geen idee wat ervaren berggebied bezoekers er van vinden, maar ik vind het prachtig hier. Terug bij het hotel blijkt dat de deur achter me in het slot is gevallen, maar met wat aandachttrekkerij kom ik weer binnen. We zitten hier half pension, en het ontbijt is niet onaardig.


Dan is het tijd om 17 mensen in twee bijten onder water te krijgen. De proefduik werpt zijn vruchten af. De organisatie is vlekkeloos. Dat wil zeggen dat iedereen door heeft wat er moet gebeuren en dat men elkaar soepel vervangt als dat nodig is. Verder is de ploeg echt goed voorbereid. Alle apparatuur doet het en er is voldoende veiligheidsmateriaal. Daarbij wel de aantekening dat het hotel de beloofde lijnen levert, maar de toegezegde musketon haken achterwege laat. Gelukkig hebben we in de groep “wat reserve” dus alles komt goed. Met Phillipe ga ik als eerste te water. Het wak is nog niet goed open, dus ik doe een ijsbommetje. Daarna is het wak groot genoeg. We zien veel forel en baars.
Tijdens de duik wordt bedacht dat een nacht-ijsduik ook wel iets heeft. Er is op dit punt echter geen eensgezindheid. Een deel maakt in de middag een tweede duik, een deel gaat even snurken om bij te komen van de eerste duik. En wat ons betreft, laat ik het zo stellen: ”over de middag kan ik geen details geven”.
Bij het avondeten wordt me duidelijk dat de boomstam die Philippe en ik hebben gezien het beeld “Michl” is. Een enorm houtsnijwerk van een kop. Helaas waren wij er aan de achterkant langs gezwommen. Verder blijkt de kwaliteit van het ijs zo slecht dat Ruud er zelfs door zakt. Daar we behoorlijk strikt zijn in het lopen in waterdichte kleding/duikpakken en in het zekeren van (bijna) iedereen op het ijs is het een detail, maar wel een aanwijzig dat je op je hoede moet blijven.
Gedurende de duik blijkt dat de ijskwaliteit nog steeds slechter wordt. Bij gebrek aan een goede ijsmeester en een zamboni lopen we aan het eind van de duik tot onze knieën in de ijspap.
Heel leuk is om te merken hoe de besneeuwde bergen ’s nachts het licht weerkaatsten. Je hebt geen lamp nodig om naar het meer en de bijt de lopen.


Zaterdag 7 maart.
Vandaag is een herhaling van de vorige dag. De duikers van Gelre-Sub willen hun eigen wak. Gewapende met een pikhouweel, zagen en sleetjes om materiaal te vervoeren trekken ze de verste punt van het meer op.
De meerderheid maakt echte misbruik van het feit dat Patricia nog moest bewijzen de theorie machtig te zijn door dicht onder de kant een wak te heropenen. Op een nette manier opent ze een functionele bijt (Door enige soortelijke lompheid breid ik dit even later uit tot een ruim gelegenheid om te water te gaan). Wie hier te water gaat komt aanvankelijk niet dieper dan heup hoogte, maar de kant loopt steil af, dus er is goed te duiken. Ik vind nu zelfs de voorkant van Michl.
Na de duik werken Nelleke en ik een gepaneerd stuk gebakken varken naar binnen. Weliswaar lees je nooit over “de verfijnde Oostenrijkse keuken”, maar ze hebben een nationaal gerecht en die zullen we hebben. En we geven toe, de schnitzel gaat er soepel in.

’s Middags besluiten de meesten de omgeving te verkennen. Alleen de mannen van Gelre-Sub houden het niet lager uit, ze proberen hun verse wak uit. Nelleke en ik wandelen naar dorp. Leuke wandeling langs typisch Oostenrijkse huizen in de sneeuw, met overal stapels brandhout. Verder ontbreekt de Zwiebelturm ook hier niet. (Voor hen die niet op de hoogte zijn van de Duits-Oostenrijkse-kerken-bouwstijl, het begrip uitje er bij, of liever uitje er op is ooit eens bedacht door Hans Holl (1512–1594), de Vater van Elias Holl.) Net als de Bratwurst, het Eisbein en de Lederhozen niet om trots op te zijn. Duitsers en Oostenrijkers zijn echter een traditioneel volk, en als eenmaal iets is bedacht dan krijg je het nooit meer uit die koppen.
En om nu helemaal eerlijk te zijn: in de loop der jaren zijn we de uientorens eigenlijk ook wel gaan waarderen.
Terug in het hotel vraagt de beheerster, gekleed in discobroek en 80’s trui (dus net als wij een vijftiger) wat we hebben gedaan. Stom, stom, stom, we zeggen dat we in het dorp hebben gewandeld. Fout. Een fatsoenlijke gast gaat spoorslags naar een bezienswaardigheid in Duitsland. Uiterst behulpzaam komt ze aan met kaarten en brochures. Wie zich in Oostenrijk wil vermaken moet, als je haar gelooft, zo snel mogelijk het land uit.
We stellen verdere excursies even uit, want na het eten is het zomaar weer tijd om te duiken. Gelre-sub, nu uitgebreid met enkele echte helden vertrekt weer naar de verre kant van de plas. De duikers die ’s middags hebben gedoken hebben, hebben hun apparatuur ter plekke laten liggen. Voor bijna iedereen was dit een goed idee. De temperatuur is nu echter echt stevig onder nul. Een uitrusting is daardoor bevroren. En dan hebben we het niet over een schlemielige blazer, maar over bevriezen waarbij niet meer los te krijgen is en waarbij ook alle ventielen het hebben opgegeven. Wij hebben nergens last van, al vriest het wak achter ons dicht. Nu hebben we allemaal wel eens dolfijnen en walvissen gezien (Al was het allen maar op televisie). Dus even met de set als sierlijke rugvin door het was en alles is weer los, al blijft het een soort hele grote whiskey on the rocks.
In het hotel is de serveerster inmiddels uitgeroosterd en liggen de beheerders op één oor.
Hans heeft wel een kratje drank weten te regelen dat door de ploeg, zittend in de gang, wordt weggewerkt (de beheerders liggen niet alleen op één oor, maar ook met een sleutel onder hun kussen. Alle openbare ruimten zijn verder afgesloten). Ronald probeert de avond te bekorten door wat van de voorraad uit zijn handen te laten vallen, maar uiteindelijk is de schade beperkt.
Wij zijn door de wandeling en het skippen van de middagslaap bekaf, en kiezen voor het eenvoudig omvallen in bed.
Wel kijk ik uit culturele nieuwsgierigheid nog een paar minuten TV. Tot mijn verbazing zie ik iets dat in idiotie fierljeppen en ijsduiken ver voorbijstreeft. Ik val in het Weltmeisterschaft wok rodelen. Deelnemers laten zich in een wok van een kleine springschans glijden om vervolgens te eindigen in een zwembadje. Wie het verste plonst mag zich wereldkampioen noemen. We hebben de prijsuitreiking niet gezien, maar het moet haast wel een vergulde wok met inscriptie, sauerkraut mit eisbein und bratwurst zijn. Daarbij moet worden opgetekend dat het, met 2,5 miljoen mensen die de wedstrijd op TV volgden, een heuse topsport is. Maar dan wel in Oostenrijk.

Zondag 8 maart
Het blijkt stevig gesneeuwd the hebben. Althans, volgens onze begrippen. Oostenrijkers beginnen onmiddellijk met off-piste van de Alp-am-Urisee the skiën. Een duo gaat zo ver dat ze proberen over het paadje te springen waar zij onze uitrusting langs sjouwen. Ze overschatten zichzelf en, ook omdat ze heel blijven, levert weer leuke beelden op.
Dankzij mijn wandelstok weet ik inmiddels redelijk bekwaam de gladde helling te nemen. Hoewel ik inmiddels een fors aantal ijsduiken op mijn naam heb staan, ben ik nog nooit met zoveel sneeuw onder het ijs geweest. Altijd heb ik met het idee geleefd dat het aardedonker is onder water met zoveel sneeuw. Alle lampen staan dan ook op “full use”. De praktijk blijkt geheel anders. Al die witte koude troep hier op de uit hun krachten gegroeide heuvels en op het meer zorgt voor een enorme lichtreflectie. Hierdoor is het, ook met sneeuw, veel helderder dan in de gemiddelde plas met een veenbodem. Het is voor mij een leuke laatste duik van deze trip.
Inmiddels zijn we er achter dat onze beheerders import Oostenrijkers zijn. Van oorsprong zijn het Beieren (Of is het nu Beiers?). In ieder geval een Duitss subras van net over de grens. Hun toeristische tips worden ineens een stuk begrijpelijker.
Wie zijn wij echter om tegen de experts in te gaan, dus we pakken de auto naar Neuschwanstein. Wie er meer van wil weten moet echt de link volgen. Wij constateren slechts enkele dingen. Allereerst heeft een grootheid in de Aziatische reisindustrie zijn regiogenoten er succesvol van weten te overtuigen dan een trip naar Europa geen enkele zin heeft als je niet op de foto staat met het slot op de achtergrond. We wandelen naar het kasteel en vervolgen daarna onze tocht. Tijdens de wandeling wanen we ons weer in China. De enige blanken op weg naar de top hebben een vals Amerikaans accent. Verder stamt het kasteel uit 1886, een periode waarin kastelen al volstrekt decoratief waren. Ok, je pist het misschien niet omver, maar een modaal kanon of een beetje betonrot moet voldoende zijn om het bouwwerk er onder te krijgen. We vermoeden echter dat Walt, een Amerikaanse striptekenaar uit de vorige eeuw, het ding heeft gezien en gebruikt voor zijn creatieve ontwikkeling.
Daarna lopen we door Füssen. Een plaatsje aan de rivier de Lech. Ergens moet het ijsduiken te combineren zijn met het afdalen van de Lech. Ten slotte missen we nu de afdaling van de Ourthe om maar eens een ander mulit-nationaal sport event van groot belang te noemen.
Het is er rustig, al was het alleen maar omdat “de Japanners” na Neuschwanstein waarschijnijk worden afgevoerd naar de Rijksdag of de Eifeltoren. Na de voorlichting van onze gastvrouw kunnen we ons in ieder geval niet meer voorstellen dat ze ergens in Oostenrijk op de foto gaan. Ook staan Nudeln mit Käse wel erg ver af van hun comfort zone op culinair gebied dus verder hebben ze niets in Füssen te zoeken.
Het plaatsje is prachtig met een ommuurd gedeelte met een groot voetgangersgebied, oude gebouwen en kleurrijke beschilderingen van de huizen. Het is een aanrader voor iedereen die er toevallig toch langs komt. We hebben het net zo ongeveer gezien, inclusief de prachtige kerk, als het begint te regen. En natte Füssen, daar houden wij niet van.

Terug in het dorp blijkt een groep nog een laatste nachtduik te willen maken. Dit tot groot verdriet van de onze Duits-Oostenrijkers die de omzet weer zien verdampen. En gelijk hebben ze! Hoewel er maar enkelen te water gaan lopen we met zijn allen naar het gat (wak en bijt rekenen we nog steeds ook goed) om onze solidariteit te tonen. Daarna is het helaas  echt over.
De volgende ochtend gaan we zo veel mogelijk gekleed in het speciale T-shirt dat Jos voor de gelegenheid heeft ontwikkeld. Wat is een reis als deze tenslotte zonder groepsfoto, die wordt genomen door onze gastvrouw met onze camera. Ze beklaagt zich dat ze de handel niet kan vinden om de film door te draaien. Achteraf bleek ze ook de knop “zoom” gemist te hebben. Het effect is dat het Hotel er in ieder geval mooi op staat. Door het grote aantal pixels is er uiteindelijk nog wel een aardige herinneringsfoto uit te knippen.

Maandag 9 maart.
De volgende dag scheuren we, aanvankelijk door de stuivende sneeuw, richting het bandenverhuur bedrijf waar we net op tijd zijn om onze all-weathers terug te krijgen.
Samenvattend? Sneeuw, wij houden er niet van!
Maar wie alle aspecten van het duiken wil ervaren moet een keer een hoogte-nacht-ijsduik maken. Bij voorkeur met een ploeg als deze!